Customer Service | Help | FAQ | PEP-Easy | Report a Data Error | About
:
Login
Tip: To review the bibliography…

PEP-Web Tip of the Day

It is always useful to review an article’s bibliography and references to get a deeper understanding of the psychoanalytic concepts and theoretical framework in it.

For the complete list of tips, see PEP-Web Tips on the PEP-Web support page.

Hermans, M.H. (1999). Onnatuurlijk, psychotherapie en perversie: Studiedag van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie, Kortenberg, 11 juni 1999. Tijdschr. Psychoanal., 5(4):227-230.

(1999). Tijdschrift voor Psychoanalyse, 5(4):227-230

Verslagen

Onnatuurlijk, psychotherapie en perversie: Studiedag van de Vlaamse Vereniging voor Psychoanalytische Therapie, Kortenberg, 11 juni 1999

Marc H.M. Hermans

De voorzitter van de VVPT, Rudi Vermote, was zichtbaar blij een ruim opgekomen publiek te kunnen verwelkomen op de studiedag over perversie. Het was niet totaal verrassend dat er ook vele gedragstherapeutisch georiënteerde therapeuten aanwezig waren.

Marc Kinet begon met Verkennende gedachten over perversie, een korte situering van de term binnen het dagelijks taalgebruik en een historische schets binnen verschillende analytische stromingen.

Uiteraard begon hij bij Freud, die de menselijke seksualiteit als een cultuurlijk en daarom onnatuurlijk gebeuren beschrijft. Perversie behoort tot de normale constitutie van het kind binnen een polymorf perverse aanleg. Perversie is geen ontaarding van, maar het niet totstandkomen van de normale genitaal georganiseerde seksualiteit. In De splitting van het Ik en het afweerproces geeft Freud later een meer structurele interpretatie waarbij twee tegengestelde opvattingen naast elkaar blijven bestaan. Perversie wordt gezien als een defensieve poging de castratie kort te sluiten in de vorm van een seksuele bevrediging, met een geritualiseerd en compulsief karakter, waardoor de angst gereduceerd wordt.

Freud plaatste de perversie tegen de achtergrond van de relatie met de vader; de postfreudianen kijken naar stoornissen in de vroege moeder-kindrelatie. Vroegtijdige genitale gevoelens ontwikkelen zich als afweer tegen pregenitale impulsen, de fetisj ontstaat als gemist transitioneel object. In die zin beschrijft Kernberg instabiele en promiscue hetero- en homoseksuele relaties bij de borderlinepersoonlijkheidsorganisatie.

[This is a summary or excerpt from the full text of the book or article. The full text of the document is available to subscribers.]

Copyright © 2019, Psychoanalytic Electronic Publishing, ISSN 2472-6982 Customer Service | Help | FAQ | Download PEP Bibliography | Report a Data Error | About

WARNING! This text is printed for personal use. It is copyright to the journal in which it originally appeared. It is illegal to redistribute it in any form.