Customer Service | Help | FAQ | PEP-Easy | Report a Data Error | About
:
Login
Tip: To see statistics of the Most Popular Journal Articles on PEP-Web…

PEP-Web Tip of the Day

Statistics of the Most Popular Journal Articles on PEP-Web can be reviewed at any time. Just click the “See full statistics” link located at the end of the Most Popular Journal Articles list in the PEP Section.

For the complete list of tips, see PEP-Web Tips on the PEP-Web support page.

Mulder, E. (2011). Objectrelaties en moderne kunst: Bespreking van: George Hagman (2010). The artist's mind — A psychoanalytic perspective on creativity, modern art and modern artists. Hove: Routledge. ISBN 978 0 415 46706 3, 179 pp., £ 21,99. Tijdschr. Psychoanal., 17(1):60-61.

(2011). Tijdschrift voor Psychoanalyse, 17(1):60-61

Objectrelaties en moderne kunst: Bespreking van: George Hagman (2010). The artist's mind — A psychoanalytic perspective on creativity, modern art and modern artists. Hove: Routledge. ISBN 978 0 415 46706 3, 179 pp., £ 21,99

Review by:
Etty Mulder

In de inleiding tot The artist's mind geeft George Hagman de lezer het advies om zich via het internet vertrouwd te maken met een selectie uit het werk van de kunstenaars die hij aan de orde brengt. Het gaat om acht kunstenaars uit de overgang van de negentiende naar de twintigste eeuw van wier werk geen afbeeldingen zijn opgenomen. De auteur gaat ervan uit dat zij voldoende bekend zijn en er is kennelijk niet aan de inmiddels gebruikelijke combinatie van boek en CD gedacht. Hagman, klinisch en sociaal psychoanalyticus in New York, staat stil bij Degas, Bonnard, Matisse en Duchamp, Franse exponenten van verschillende modernistische stijlen, beginnend met het impressionisme halverwege de negentiende eeuw. Aansluitend kiest hij vier Amerikanen: Lloyd Wright, Cornell, Pollock en ten slotte Warhol, die de overgang naar het postmodernisme vertegenwoordigt. Deze keuze wordt niet gemotiveerd en met name Edgar Degas valt er nogal buiten. Vooral biografische gegevens lijken een rol te spelen in de ontwikkeling van hun kunstenaarschap, met de nadruk op de eerste objectrelaties. Deze zijn naar Hagmans mening bepalend voor een dispositie voor schoonheid — via de moeder — en voor het sublieme — via de vader. Bij elk van zijn kunstenaars gaat Hagman op zoek naar het eigene van de kindertijd: drama's, ziekten en verlieservaringen. Hij doet op grond daarvan suggesties voor waar de aanzet tot de creatieve ontwikkeling heeft gelegen en noemt dit ‹the intersubjective source of aesthetic experience›.

[This is a summary or excerpt from the full text of the book or article. The full text of the document is available to subscribers.]

Copyright © 2020, Psychoanalytic Electronic Publishing, ISSN 2472-6982 Customer Service | Help | FAQ | Download PEP Bibliography | Report a Data Error | About

WARNING! This text is printed for personal use. It is copyright to the journal in which it originally appeared. It is illegal to redistribute it in any form.