Customer Service | Help | FAQ | PEP-Easy | Report a Data Error | About
:
Login
Tip: To turn on (or off) thumbnails in the list of videos….

PEP-Web Tip of the Day

To visualize a snapshot of a Video in PEP Web, simply turn on the Preview feature located above the results list of the Videos Section.

For the complete list of tips, see PEP-Web Tips on the PEP-Web support page.

Verbeke, E. (2015). Tijd: tussen Nachträglichkeit en anticipatie. Tijdschr. Psychoanal., 21(1):13-25.
    

(2015). Tijdschrift voor Psychoanalyse, 21(1):13-25

Tijd: tussen Nachträglichkeit en anticipatie

Evi Verbeke

Time is just memory mixed with desire (Tom Waits).

Het eerste begin van de psychoanalyse werd gevormd door Freuds werk met de herinneringen van hysterische patiënten. Dit bracht meteen de complexiteit en problematisering van de tijd met zich mee. De visie op hoe tijd gestructureerd is, beïnvloedt bijvoorbeeld in sterke mate de benadering van het onbewuste en de causaliteit. In dit artikel zal ik nagaan hoe de begrippen ‹Nachträglichkeit›1 en ‹anticipatie› ons kunnen helpen om zicht te krijgen op hoe tijd subjectief vorm krijgt.

Nachträglichkeit

Freud hanteert het idee van ‹Nachträglichkeit› vooral in het begin van zijn oeuvre, binnen zijn traumatheorie over hysterie. Met dit concept duidt hij aan hoe een gebeurtenis of indruk in eerste instantie niet kan worden verwerkt in een betekenisvolle context, maar pas later betekenis krijgt. Het gaat daarbij vooral om gebeurtenissen in een seksuele context die later, vaak in de puberteit, na seksuele rijpwording begrepen worden (Laplanche & Pontalis 1973). Seksuele rijpwording is daarvoor niet voldoende; de eerste scène wordt pas traumatisch op grond van een tweede, latere scène (Bistoen e.a. 2014). Freud zal het in het begin van zijn werk als een typisch mechanisme voor hysterie beschouwen: een herinnering wordt verdrongen en wordt nachträglich een trauma (Freud 1950). De gebeurtenis is dus in eerste instantie niet traumatisch, maar wordt pas nachträglich een traumatiserende herinnering door een nieuwe gebeurtenis (Freud & Breuer 1893-1895; Freud 1898). De tweede scène heeft meestal weinig betekenis, maar zal door associatie de eerdere scène evoqueren (Laplanche & Pontalis 1968). Op deze manier probeert Freud de etiologie van de hysterie te vatten als een traumatische etiologie met twee uitlokkende factoren (Bistoen e.a. 2014). Het concept wordt in verschillende casussen, al dan niet expliciet, gebruikt. Vooral in Studies over hysterie komt het terug als mechanisme om conversiesymptomen te begrijpen (Freud & Breuer 1893-1895). Maar ook bij de casus van Kleine Hans (Freud 1909a) en de Rattenman (Freud 1909b) zal hij het concept expliciet gebruiken. Het scherpst vinden we het idee geïllustreerd bij de Wolvenman.

[This is a summary or excerpt from the full text of the book or article. The full text of the document is available to subscribers.]

Copyright © 2019, Psychoanalytic Electronic Publishing, ISSN 2472-6982 Customer Service | Help | FAQ | Download PEP Bibliography | Report a Data Error | About

WARNING! This text is printed for personal use. It is copyright to the journal in which it originally appeared. It is illegal to redistribute it in any form.